De gemiddelde huizenprijs in Nederland is in het eerste kwartaal van 2026 weer onder de grens van een half miljoen euro gezakt. Tegelijkertijd is het aantal beschikbare woningen toegenomen, waardoor de woningmarkt iets minder krap aanvoelt dan in voorgaande jaren.
Na een periode van sterke prijsstijgingen, waarin de gemiddelde woningprijs eind 2025 voor het eerst boven de 500.000 euro uitkwam, is er begin 2026 sprake van een lichte correctie. In de eerste drie maanden van het jaar kwam de gemiddelde verkoopprijs uit op ongeveer 484.000 tot 485.000 euro.
Een prijsdaling in het eerste kwartaal komt vaker voor, maar deze is sterker dan in voorgaande jaren. In de afgelopen vijf jaar lag de gemiddelde daling in deze periode rond de 1,2 procent, terwijl die nu oploopt tot bijna 3 procent.
Op jaarbasis blijven woningen echter nog steeds duurder dan een jaar eerder.
Tegelijkertijd groeit het aanbod op de woningmarkt. In het eerste kwartaal van 2026 stonden bijna 30.000 woningen te koop, een stijging van ruim 20 procent vergeleken met een jaar eerder.
De belangrijkste oorzaak is dat woningen minder snel worden verkocht. Daardoor blijven huizen langer op de markt staan en ontstaat er meer keuze voor kopers.
Volgens makelaars zorgt dit voor meer balans:
Ondanks het grotere aanbod is het aantal transacties juist gedaald. In het eerste kwartaal werden ongeveer 34.600 woningen verkocht, een daling van zo’n 27 procent ten opzichte van het voorgaande kwartaal.
Dat komt deels door seizoensinvloeden, zoals winterweer dat bezichtigingen vertraagde. Maar ook andere factoren spelen een rol:
Hierdoor stellen kopers hun aankoop vaker uit en nemen zij minder risico.
Net als in eerdere jaren zijn er duidelijke regionale verschillen zichtbaar. In ongeveer de helft van de regio’s ligt het aantal verkopen lager dan een jaar geleden, vooral in het westen en noorden van Nederland.
In delen van het oosten en zuiden is juist sprake van groei, vaak op plekken waar het aanbod sterker is toegenomen.
De prijzen van nieuwbouwwoningen blijven ondertussen relatief stabiel, rond de 488.000 euro. Wel stijgt de prijs per vierkante meter, onder andere doordat nieuwbouwwoningen gemiddeld kleiner worden.
Ook het aanbod van nieuwbouw neemt toe en ligt op het hoogste niveau in jaren.
De woningmarkt lijkt begin 2026 iets af te koelen, maar van echte ontspanning is nog geen sprake. De combinatie van meer aanbod en minder transacties zorgt voor meer balans, maar het woningtekort blijft bestaan. De daling van de huizenprijzen is vooral een tijdelijke correctie, terwijl de onderliggende schaarste op de woningmarkt nog altijd groot is.
Bron: NVM, CBS, Kadaster en marktanalyses (april 2026)