Zuid-Holland heeft genoeg bouwplannen om de doelen voor 2030 te halen, maar het omzetten van papier naar stenen blijft lastig. De woningvoorraad groeide dit jaar wel door, maar nieuwe projecten lopen steeds vaker vast op stikstofregels, een overvol stroomnet en lange procedures. Tegelijk zetten Rotterdam en Den Haag de verdichting in de stad door.
Zuid-Holland voegde in het derde kwartaal van 2025 bijna 5.000 woningen toe via nieuwbouw en transformatie.
Tot 2030 liggen er plannen voor bijna 248.000 woningen, maar veel daarvan zijn nog niet “hard”.
Stikstof en netcongestie vormen de grootste blokkades voor nieuwe bouwlocaties.
De provincie zoekt naar manieren om ondanks stroomnetproblemen toch te kunnen bouwen.
Uit de provinciale woningmonitor blijkt dat er in 2025 nog steeds woningen bijkomen. In drie maanden tijd ging het om een combinatie van nieuwbouw en herbestemming van bestaande panden, zoals kantoren en bedrijfslocaties.
Toch benadrukt de provincie dat die groei niet vanzelfsprekend doorzet. Op papier is er voldoende ruimte en zijn er volop projecten gepland, maar juist de stap naar uitvoering blijkt steeds moeilijker te maken.
Het stikstofdossier blijft een stevige rem. Veel bouwlocaties liggen relatief dicht bij Natura 2000-gebieden, waardoor een natuurvergunning onzeker is. Dat kan projecten maanden tot jaren vertragen.
Daar bovenop komt netcongestie: op meerdere plekken in de provincie zit het elektriciteitsnet vol. Daardoor kunnen nieuwe wijken niet altijd meteen aangesloten worden. Zuid-Holland probeert dat deels te ondervangen met netbewust bouwen en alternatieven zoals warmtenetten, maar ook dat kost tijd.
Zuid-Holland wil procedures sneller maken en gemeenten helpen om plannen eerder klaar te zetten voor bouw. Tegelijk vraagt de provincie om landelijke doorbraken. Zonder extra stikstofruimte en versnelling van netuitbreidingen blijft het risico bestaan dat de woningbouwdoelen niet worden gehaald.
Terwijl uitbreidingsplannen buiten de steden vaker in de knel komen, zetten Den Haag en Rotterdam vooral in op binnenstedelijke groei. Den Haag bouwt door in het Central Innovation District en de Binckhorst. Rotterdam richt zich op herontwikkeling en verdichting rond infrastructuur en voormalige havengebieden.
Deze aanpak past bij de Zuid-Hollandse trend: minder nieuwe ruimte aanboren, en vooral bouwen binnen bestaande stadsgrenzen — al blijven ook deze projecten gevoelig voor dezelfde regels en netproblemen.
De bouw draait door, maar niet snel genoeg om zonder extra hulp op koers te blijven.
Stikstof en netcongestie bepalen het tempo voor 2026 en daarna.
Binnenstedelijke verdichting krijgt voorrang, terwijl uitbreidingslocaties kwetsbaar blijven.
De frustratie op de woningmarkt in Zuid-Holland blijft voorlopig groot. Dat heeft een paar concrete gevolgen:
Minder snelle verlichting van het woningtekort.
Omdat projecten vertragen of later starten, komen er minder woningen bij dan gepland. Voor starters en doorstromers betekent dat: langer zoeken en vaker concurrentie.
Meer focus op binnenstedelijk wonen.
In en rond Rotterdam en Den Haag komen vooral appartementen en compacte stadswoningen bij. Wie een eengezinswoning met tuin zoekt, moet vaker uitwijken naar randgemeenten — waar plannen juist vaker vertragen.
Grotere regionale verschillen.
In gebieden waar bouw wel doorloopt (bijvoorbeeld verdichtingszones rond OV-knooppunten) kan het aanbod iets sneller groeien. Op plekken met veel stikstofbeperkingen of netproblemen blijft het aanbod achter.
Prijzen blijven gevoelig voor schaarste.
Als de bouw niet hard genoeg gaat, blijft de druk op koop- én huurprijzen bestaan. Zelfs kleine rente- of loonontwikkelingen kunnen dan snel doorwerken in de markt.
Kort gezegd: er wordt gebouwd, maar zolang stikstof en stroomnetcapaciteit niet oplossen, blijft het voor veel mensen in Zuid-Holland lastig om snel een passende woning te vinden.
Bronnen: Provincie Zuid-Holland (woningvoorraadmonitor/kwartaalbericht), NU.nl, Binnenlands Bestuur, Vastgoed Insider